Monthly Archives: November 2015

Ik ging ook nog eens op reis

Het begon met een vlucht die veel te laat was. Die moest om 21u10 vertrekken, dus ik een goed half uur voordien richting check-in. Moet zowat de kleinste gate van heel Zaventem zijn, want het volk stond in een laaaange rij te wachten. En er bewoog niks. Niet toen het 20u50 werd, niet toen het 21u werd en nog steeds niet toen het daadwerkelijk 21u10 was. Ook al stond er op dat moment op de website nog altijd “vertrek voorzien: 21u10”. Nogal straf als er dan nog geen kat op het vliegtuig zit …

Over katten gesproken, eens het dan toch zover was bleek het al snel om nen beestenbak te gaan. Alles op elkaar geprangd, misschien twee zitjes vrij in het hele vliegtuig. Waarbij vooral het handige is dat je in de overheadcompartimenten vijf stukken handbagage krijgt, terwijl er zes man zit onder zo’n box … De mijne zat dus vijf rijen achter mij.

Uiteindelijk een dikke drie kwartier te laat opgestegen, dat beloofde al. Maar het beste moest nog komen. Na een vlotte vlucht en betrekkelijk harde landing was het tot zowat tot de laatste wachten om aan mijn handbagage te geraken. U herinnert zich nog dat die ettelijke rijen achter mij gestockeerd was. Al kwam dat eigenlijk nog goed uit. Het vliegtuig landde blijkbaar niet heel erg dicht bij de terminal, waardoor er nog een busritje bijkwam, ik er als een van de laatste opsprong, maar dus ook als eerste terug afkon. Ritje van een tien minuten en dan de pijltjes ‘baggage claim’ volgen.

Tot niemands verwondering bleek dat nog eens de hele luchthaven, tussen, over en onder de werken door, naar de andere kant, alwaar ook weer de verste hal onze valiezen ging uitspuwen. Toen, we schrijven 23u52 lokale tijd (00u52 in België), was er ruimte voor enig optimisme. Het uur naast ‘first bag expected’ stond namelijk op 23u54. Slechts twee minuten wachten. Iemand een voorspelling? U had het natuurlijk bij het rechte eind, om 00u14 stond de band nog even stil te staan als twintig minuten daarvoor.

Ondertussen belde ik alvast naar de vrienden van Europcar om te melden dat de vlucht ietsje later was en ik dus niet rond 23u15 (dat naïeve optimisme toch) maar rond 00u30 zou arriveren aan hun kantoortje. En of ze zo vriendelijk wilden zijn om nog even open te houden. En belde ik nog eens, om opnieuw geen antwoord te krijgen. Wat opzoekwerk leerde me dat ze sowieso tot 1u open zijn, dus panikeren hoefde (nog) niet.

En dan plots: *zzzooooooooemmm* de band trekt zich op gang! Er komen zelfs koffers uit! Of toch een stuk of tien. Gevolgd door een oorverdovende stilte van geen beweging in de band en geen koffers. De Portugees-Engelse dame naast mij vatte het samen met “They’re just playing a cruel joke. They build up tension by waiting so long, then give us hope by releasing ten suitcases and now stop to prolong the agony”. Gelukkig volgden er vijf minuten later toch weer koffers en miraculeus genoeg kwam de mijne er als een van de eerste uit! Koffer en dan in gestrekte draf richting exit, alwaar ik automatisch de verzamelde autoverhuurkotjes zou moeten tegenkomen.

“Zou” dus, want de exit doemde al voor mij op en autoverhuur was nog in geen velden of wegen te bespeuren. Op goed geluk een kant gekozen en plots viel mijn oog op pijltjes ‘car rental’. Jawel hoor, daar waren ze, en ook de mijne was nog open. Ik dacht de snelrij te kunnen instappen – ah ja, waarvoor dienen al die stapjes om je auto “eReady” te zetten anders – maar niets was minder waar. Gewoon een ticketje nemen en de rij in. Het zou niet de laatste keer zijn dat de technologie me in de steek liet.

Met één wachtende voor mij voor vier loketten was het na een dik kwartier aan mij, alwaar ik een vriendelijk meisje ineens alle gegevens en paperassen in haar handen duwde. Verrast door zoveel dadendrang probeerde ze – in wat voor Engels moest doorgaan – mij nog een verzekering aan te smeren die meer kostte dan de auto, een gps die ik zelf bijhad (al speelt die later nog een rol) en een tolbetaalbakje dat ik niet nodig had. Zoals ik ook al allemaal had aan- of afgevinkt via het wonderbaarlijke, maar blijkbaar geheel onnuttige, eReady-systeem. Mijn bestelde Opel Corsa was logischerwijze niet beschikbaar (krijg je eigenlijk ooit de auto die je vraagt bij zo’n firma?), een gloednieuwe Skoda Fabia kreeg ik in de plek.

We zijn ondertussen bijna één uur toen ze trots het zakje overhandigde – weer vergezeld van een hoop blabla – met daarin het huurbewijs, de papieren, het contract, de 24/7 pechverhelpingsdienst en nog wat kaartjes en prullaria. Gelukkig was er toch nog een van ons scherp, want hoewel ik best geloof dat een nieuwe Fabia van de nodige snufjes voorzien is, zonder iets van sleutel verwachtte ik toch niet ver te geraken. Dat vond ze een goede opmerking, waarop ze mij schaapachtig de sleutel overhandigde.

“Weet je de autogarage zijn?”, vroeg ze, behulpzaam als ze was. “Gezien het mijn eerste keer in Portugal is zoals ik je daarnet vertelde, zou ik normaal zeggen van niet, maa”…“Ok, ik zal het uitleggen. De auto zal vanvoor staan in de parking. Je gaat hier rechtdoor, de deur door, weer rechtdoor, naar links, dan rechtdoor, dan weer links, dan rechts en dan euh *denkt na*” “Als ik nu eens gewoon de pijltjes ‘rental pick-up’ volg, zoals ik daarnet probeerde te zeggen?” “Oh ja, dat zou ook moeten lukken”. Daar ging ik wel vanuit ja.

Naar de rental pick-up en uiteraard zijn de auto’s die in het zicht staan niet de Skoda Fabia’s van deze wereld, en ondanks dat het mijn geluksdag was, rekende ik er niet op dat mijn sleutel zou passen in de Mercedessen en BMW’s die vanvoor stonden. Geen nood, daar kwam al een behulpzame Portugees aangesneld, die ik gezwind ontweek omdat ik had gekozen voor de optie “press unlock” te beginnen duwen op de afstandsbediening en ik al ergens een piepje hoorde. Met slechts 1.800km op de teller was het alvast niet gelogen dat het om een nieuwe ging.

Valiezen erin, en er was zelfs een USB-aansluiting om mijn gps in te pluggen zodat ik geen opstelling moest gaan maken met de chargeport van mijn laptop. Alleen vond die natuurlijk geen signaal in een betonnen garage en vanaf ik daar buiten reed, moest ik wel een richting kiezen voor ik me ergens aan de kant kon zetten. U raadde het al, niet de juiste. Vijf minuten omweg en dan in sneltreinvaart richting Odemira, of dat was het toch plan.

Aanvankelijk liep dat plan van een leien dakje. De prachtige Vasco da Gama-brug over en daar toch even een tussenstop langs een tankstation om wat voorraad in te slaan. Gewapend met een pak Tuc’skes, een XXL-Twix en een Cola begon ik voor echt aan de rit. Een paar draaiingen en keringen en dan voor veel kilometers rechtdoor tot de afslag Odemira. Nu ja, “rechtdoor”, in Portugal blijkt een autostrade niet geheel waterpas te liggen en bovendien niet voorzien van enige verlichting. Over de drukte hoefde ik me echter geen zorgen te maken, eens het centrum uit was ik op de brug – nochtans ruim 17 km lang – maar één auto tegengekomen, dus daar gingen de koplampen op. En dat bleven ze ook tot het einde.

Voor de rest, zwart. Voor en achter. Op de gehele rit kwam ik één auto, één bus en twee lichte vrachtwagens tegen die in mijn richting gingen. Nu had ik me niet verwacht aan files, maar vier medevoertuigen? Dat was wel heel weinig. Ach ja, op naar Odemira. Na een uur autostrade de splitsing af, tol betalen – gewoon kredietkaart in de gleuf steken, geen code intikken (hmmz) en ze er terug uithalen – en dan van de autostrade voor het laatste uur. Gelukkig is Portugal iets minder veiligheidsgericht, want het grootste deel van dat traject was op een weg met af en toe een kruispunt of een dorpje, en buiten op die kruispunten mocht je de hele tijd 100. Bij ons zouden we al blij zijn als we daar nog 70 mogen.

En toen gebeurde het. De gps gaf aan “hier links”, de pijl gaf aan “Odemira rechtdoor”. Het buikgevoel zei “volg die pijl maar”, het verstand sprak tegen “je zal er zo wel geraken, maar je gps heeft je nog nooit in de steek gelaten, dus het zal misschien iets minder grote baan zijn, het is in principe sneller”. Het verstand won. En inderdaad, iets minder grote baan, maar nu ook geen boswegeltjes, dus ik maakte me geen zorgen.

En toen gebeurde het opnieuw. De gps gaf aan “hier links”, de pijl gaf aan “Odemira rechts”. Dat leek al iets minder logisch, maar kijk, eens je gekozen hebt, heb je gekozen. En mevrouw de gps antwoordde heel overtuigend toen ik vroeg “ben je zeker?” met “sla hier links af”. De wegen werden nog wat kleiner, wat ik ook verwachtte, en toen ik ettelijke kilometers verder naar rechts moest afslaan en een pijl met “Odemira” op in dezelfde richting wees, was ik weer gerust en kon ik de kilometers aftellen. Het werd bochtiger en van flarden mist intensifiërde het bij momenten over pakken mist, langs dikke mist, tot heel dikke mist, naar erwtensoep en ten slotte tot “hee kijk, vlak onder mijn lampen zie ik precies nog iets dat op asfalt lijkt”.

Maar ach, dat weerhield een mens ervan in slaap te vallen omdat de focus er wel moést blijven. En jawel hoor, daar doemde een dorpje op en daar kwam ik aan de huisjes die er exact zo uitzagen als ik ze op foto had gezien. Links, rechts, rechts (die straatjes lijken toch wel nóg smaller dan op foto), links, links en daar is de Rua Candido Reis! Hmm, die is wel kort en gaat maar tot nummer 15, ik heb nummer 29 nodig. Wacht, de straat zal doorlopen over het kruispunt … nee. Uitstappen, wat heen-en-weer wandelen – het is ondertussen 3u50 – nope, toch echt geen 29. Laat ik de afgedrukte trajecten van Google Maps en Bing Maps er eens bijnemen. Jaja, ook al ben ik paperless, af en toe neem je beter geen risico’s.

Toen begon ik de nattigheid te voelen. Is dit wel het juiste dorpje? Bing Maps spreekt van de Rua Serpa Pinto die ik niet mag inrijden, maar die ernaast moet nemen en als ik de Rua de Olivença zie zit ik te ver. Geen van beide Rua’s zijn hier te vinden. Zal ik die maar eens intikken op de gps? Ha kijk, die vindt hij direct … op 36 km van hier. Nogmaals de Rua Candido dos Reis … wacht, ziet u het ook? “Dos Reis”? Niet “Reis”? Ik op dat moment ook nog eens ja. Daarvoor had ik het ook al gezien, maar het gebeurt wel eens vaker dat een straatnaam niet exact hetzelfde is in de gps als op het naamplaatje. Nog nooit problemen mee gehad.

Dat was nu wel even anders dus. De gps bleek de juist geschreven straatnaam hoegenaamd niet te kennen en ook al tikte ik de ‘dos’ in, zoals ik al altijd had gedaan, hij bleef het straatje waar ik in stond voorstellen. Het is nochtans de hoofdbaan door Odemira, dus mijn logica dicteerde dat als mevrouw de gps één straatnaam zou kennen, het die wel moest zijn. Spijtig genoeg volgde ze mijn logica – zoals wel meer vrouwen – dus niet.

Dan maar richting de andere straatnamen ge-gps’t, weer drie kwartier onderweg. Uiteraard een heel stuk terug langs voor mij op dat moment al bekende wegen tot aan het kruispunt dat me had overtuigd dat ik juist aan het rijden was. De pijl naar Odemira stond nu in de richting waarvan ik kwam, scheel had ik dus niet gezien, al wist ik ondertussen wel beter. Een korte inspectie leerde dat de andere aanwijzingen ook redelijk van de pot gerukt waren, de paal bleek dus een kwartslag gedraaid. Just my luck.

Dat was gelukkig het laatste obstakel. Daar kwam de pijl die “Odemira” naar rechts wees weer langs, en hup, helemaal op het juiste spoor nu. Een afdaling vol haarspeldbochten en een hond (samen met een kat en een konijn het enige levende wezen dat ik in de laatste twee uren zag) die bijna onder mijn wielen sprong later dook daar dan toch echt Odemira op. Meteen de juiste straat in en voor het juiste huis. Time of arrival: 4u42 lokale tijd (5u42 in België dus). Slechts een lichte vertraging ten opzichte van de origineel geplande aankomsttijd ergens tussen half twee en twee.

Wat hebben we geleerd? Bing Maps saved the night. U leest het goed Bing Maps. En ook, check niet één maar elfendertig keer de schrijfwijze van je straatnaam en hoe de gps die interpreteert.